Waarom willen de Chinezen een replica van een schattig Oostenrijks dorpje ?

In 2011 verscheen een opvallend nieuwsbericht over een klein dorpje in Oostenrijk. Chinezen zouden dit “schattige Oostenrijkse dorpje” hebben uitgekozen om gedetailleerd na te bouwen. Nu is het maken van replica’s van Europese gebouwen niet geheel onbekend in Azie; de Japanners hebben bijvoorbeeld een compleet themapark gebouwd met kopieen van beroemde Nederlandse gebouwen. Maar waarom is een klein plaatsje in Oostenrijk dan zo wereldberoemd ? Wat zou dit plaatsje zo bijzonder maken, dat mensen van de andere kant van de wereld het minitieus gaan fotograferen en bemeten, zodat ze een perfecte replica kunnen maken ? Is dat alleen omdat het nu eenmaal zo’n “typisch Oostenrijks plaatsje” is ?  Om deze vraag te beantwoorden hebben we een bezoekje gebracht aan Hallstatt.

Als snel werd duidelijk, dat er toch iets meer aan de hand was met dit plaatsje. We hadden moeite om er uberhaupt binnen te komen. Het is gelegen op een smalle richel langs een meer, midden tussen de steile rotswanden. Over deze richel loopt maar 1 smalle weg. Deze weg wordt overdag afgesloten voor al het niet-lokale verkeer. Maar zelfs met alleen lokaal verkeer is deze weg zo smal, dat er regelmatig kleine opstoppingen ontstaan. De rest van de richel is helemaal volgebouwd, met inderdaad van die typische Oostenrijkse chalets en vakwerkhuizen. Elk stukje grond tussen het meer en bergen dat ook maar enigszins bebouwbaar is, is bebouwd.

En dat is geen recent verschijnsel. Toen we de plaatselijke sportwinkel passeerden, viel ons oog op een bord dat een archeologische expositie aankondigde. Wat bleek, een aantal jaren geleden wilde deze sportwenken hun kelder uitbreiden. Tijdens het graafwerk stuitten ze op overblijfselen van oude gebouwen. Deze zijn helemaal opgegraven, en bevatten in opeenvolgende lagen resten uit de 19e en 18e eeuw, de late en vroege Middeleeuwen, en de Romeinse tijd.

Zonder enige twijfel de beste sportwinkel ter wereld. Waar kun je anders Romeinse resten bewonderen terwijl je bergschoenen aan het passen bent ?

Zonder enige twijfel de beste sportwinkel ter wereld. Waar kun je anders Romeinse resten bewonderen terwijl je bergschoenen aan het passen bent ?

En niet alleen in het dorpje zelf zijn oude sporen gevonden. In de bergen bevindt zich een soort lange, diepe vallei, ongeveer 500 meter boven het dorpje. In deze vallei is een enorm prehistorisch grafveld gevonden. 1500 graven uit de Ijzertijd (plm. 1200 – 800 v. Chr.) zijn in de 19e eeuw ontdekt en opgegraven door een plaatselijke berggids. De prehistorische doden werden begraven met luxe artikelen; juwelen, goud, en wapens. Er moet dus een rijke, grote gemeenschap hebben geleefd in deze vallei. Het rare is, dat er nergens overblijfselen van huizen zijn gevonden; we weten niet waar deze groep geleefd heeft.

Een prehistorisch graf

Iets verder in de vallei kwamen we er wel achter waarvan deze groep geleefd heeft: zout. In dit deel van de Alpen is heel veel zout te vinden. De stad Salzburg, die niet ver van Hallstatt vandaan ligt, dankt er zelfs zijn naam aan. Nog steeds wordt in diepe mijnen in de vallei op industriele wijze zout gewonnen; en het blijkt, dat dat dus al 3200 jaar gebeurd. In de mijnen hebben ze oude schachten gevonden, en werktuigen die uit deze tijd stammen. Zout was in de oudheid een zeer waardevolle grondstof. Niet alleen omdat je eten er smaakvoller van kunt maken; maar ook, omdat je er voedsel mee kon conserveren, wat in een tijd zonder koelkasten, vriezers, en vacuumverpakkingen erg belangrijk was. Het woord salaris is het latijnse woord voor zout; er waren periodes, dat soldaten werden betaald met zout. De prehistorische gemeenschap die hier is geweest zat dus bovenop een zeer lucratieve grondstof. Eigenlijk is het des te raarder, dat er geen enkel spoor van bewoning of huizen is gevonden.

 

Zo moet het toen in zijn werk zijn gegaan; deze reconstructie laat zien hoe zout werd gewonnen in de prehistorie.

Zo moet het toen in zijn werk zijn gegaan; deze reconstructie laat zien hoe zout werd gewonnen in de prehistorie.

Eigenlijk is er rondom Hallstatt gedurende het grootste deel van de afgelopen 3200 jaar zout gewonnen en geexporteerd; zoals ik al zei, nog steeds zijn grote machines bezig om het natriumchloride uit de steenlagen te halen. Er zijn slechts twee periodes geweest, waarin de zoutwinning stopte. In de oude prehistorische gangen zijn sporen gevonden van massale instorting van de gangenstelsels. Kennlijk zijn de zoutwinners uiteindelijk te onvoorzichtig geweest met hun graafwerk, waardoor ze hun eigen gangenstelsel instabiel werd. Toch duurde het niet lang, of de zoutwinning begon opnieuw. En ook in de 16e eeuw is er een periode geweest dat de zoutwinning stopte. Dat had dit keer niets te maken met een gebrek aan ingenieurskennis, maar met religie. Tijdens de reformatie is het er bloederig aan toe gegaan in dit gebied, waardoor de zoutwinnende bevolking werd gedecimeerd. Maar ook na deze korte stop werd het mijnen alweer snel opgepakt; zout is een te gewild product.  Het is eigenlijk wel bijzonder, dat een gemeenschap zich 3 millenia lang kon handhaven dankzij 1 grondstof in de buurt. Pas in de 20e eeuw kreeg Hallstatt er een andere bron van inkomsten bij: het toerisme. Inmiddels is dit belangrijker voor het dorpje dan de zoutwinning.

Want ondanks de bijzondere zoutgeschiedenis is Hallstatt inderdaad een schattig plaatsje. Mooi gelegen aan een prachtig bergmeer, omringd door machtige alpen, en helemaal opgebouw uit traditionele Oostenrijkse berghuizen. En zoals het een schattig Oostenrijks dorpje betaamt, staan er maarliefst twee kerken. In een van die kerken vonden we nog een ander verschijnsel, dat de toeristische aantrekkingskracht van Hallstaat verklaard: een knekelhuis.

In een klein gebouwtje achter de kerk zijn honderden schedels opgeslagen. Het is een rare sensatie om hier binnen te lopen. De schedels zijn beschilderd met teksten en figuren, en liggen keurig netjes in rijen op planken. Het geeft je een beetje het gevoel van een crypte van een soort Satanische cultus, alsof de Hallstatters hier stiekum necromantische rituelen opvoerden. Maar hier is geen sprake van ondoden of geestenbezwering. Integendeel … er is hier sprake van de oplossing van een raadsel.

Knekelhuis in Hallstatt

Want de reden achter dit knekelhuis is zeer functioneel. Zoals ik al had gezegd, Hallstatt bevindt zich op een hele nauwe richel tussen een meer en de bergen. Er is zo weinig plaats, dat het eigenlijk onmogelijk is om een echt kerkhof aan te leggen. Om hun overledenen toch te kunnen eren, hebben ze de schedels van de overledenen bewaard. En plotseling wordt het ook duidelijk, waarom er in de vallei boven Hallstatt nooit sporen van bewoning zijn gevonden; de prehistorische zoutmijners hebben daar nooit gewoond. Ook toen woonden ze al op die richel, en ook toen moet er al sprake zijn geweest van ruimtegebrek. Maar in plaats van een knekelhuis, hebben ze hun doden in de vallei begraven, vlakbij de mijnen waar ze toen ook al zout wonnen. Van die prehistorische bewoning is nooit iets teruggevonden, maar dat is niet zo raar; de nauwe richel is altijd bewoond geweest, zoals te zien is aan de opeenvolgende lagen met resten onder sportwinkel.

Er is dus wel iets meer aan de hand met Hallstatt dan een schattig Oostenrijks dorpje. Het is een hele bijzondere plaats; ondanks een hele onhandige ligging en ruimtegebrek, is er een gemeenschap ontstaan die drieduizend jaar lang voorspoedig heeft kunnen bestaan dankzij 1 grondstof in de buurt. Het is niet voor niets dat het plaatsje tot UNESCO erfgoed is uitgeroepen, en natuurlijk heel begrijpelijk dat de Chinezen het willen nabouwen …

 

 

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *